Sneeuwpupke en de nieuwe hobby van Partner

Soms heb ik wel eens het idee dat Partner zich een beetje verveelt. Hij kijkt dan wel naar films en voetbal, hij sport, doet spelletjes op de iPad, leest en luistert boeken, maar een echte hobby … nee, daar heb ik hem nog niet op kunnen betrappen.

Een nieuwe hobby
hondIk doe wel eens een suggestie en stel voor dat hij een eigen blog begint of ik stop een stuk klei in zijn handen. Afgelopen week vertelde hij me dat hij zijn nieuwe hobby gevonden had. Hij kan altijd enorm in een deuk liggen om grappig aangeklede honden en dan vooral om de verongelijkte blik van het arme beest. Hij was op internet op zoek gegaan naar foto’s en dat is dus zijn nieuwe hobby.

Tijdens de lunch besprak ik het ‘probleem’ met mijn collega’s en iemand merkte op dat Partner met dit weer best een leuke sneeuwpop zou kunnen maken. Bijkomend voordeel was dat hij dan meteen een frisse neus kon halen. Ik smste meteen naar Partner dat hij zodra hij thuis was een sneeuwpop kon maken. Nee, smste hij terug, ik heb al een nieuwe hobby.

Toch kreeg ik aan het eind van de middag een foto gemaild met een schattig sneeuwpupke, zoals Partner zijn creatie noemde. Ik kon bovendien zien dat hij de stoep sneeuwvrij had gemaakt (feest!). Mijn collega’s waren erg onder de indruk van de creativiteit van Partner (ik trouwens ook).

sneeuwpupke 1

Croutons en pindakaas
“Zijn de oogjes croutons?”, werd er gevraagd.
“Die hebben we niet”, zei ik. “Het zal wel cruesli zijn.”
“Dat op z’n hoofd is zeker een deksel van de pindakaas”, vroeg een andere collega. Ik knikte, maar had geen idee waar de deksel van was, we hebben geen pindakaas of chocopasta in huis. Van de neus wist ik wel precies de herkomst. Die kwam van de grappige cocktailprikkers die al jaren in de la liggen te wachten op een speciale gelegenheid om ze te gebruiken.

sneeuwpupke 2Eenmaal thuis zocht ik in de voortuin naar Sneeuwpupke. Die bleek verplaatst te zijn naar de achtertuin. Op de dikke sneeuwdeken die op de tuintafel lag stond Sneeuwpupke naar binnen te kijken.
“Ik was met een minuutje klaar”, zei Partner, trots op zijn creatie. Dat snapte ik, de sneeuwman was half zo groot als ik verwachtte. Ik stak mijn duim op en de sneeuwman was precies even groot als mijn vuist + duim. Sneeuwduimpje was ook een mooie naam voor hem geweest. Het dekseltje op zijn hoofd was van een potje Etos vitaminen.

“Je zet ‘m toch wel op Facebook he?”, vroeg Partner die zelf geen account heeft en er normaal gesproken niets van moet hebben.
“Wan skon pupke”, reageerde mijn nicht uit Brabant op Facebook. Zo dacht ik er ook over.
“Hoeveel likes heeft Sneeuwpupke?”, vroeg Partner later op de avond.

Knuffelen
De volgende middag kreeg ik een foto binnen van mijn knuffelvis die naar Sneeuwpupke keek. Knuffelen?, was het commentaar bij de foto. Een moment later kwam de foto na het knuffelen …

knuffelen brrruffelen

Zo te zien heeft Partner nu toch echt zijn nieuwe hobby gevonden. 😉

Hieperdepiep …

… Hoera!!!

Ja, inderdaad ik ben vandaag weer een jaartje ouder geworden. Hoe oud ik ben geworden? Tja, op een gegeven moment kom je in getallen terecht die je liever niet wilt noemen. Laat ik zeggen dat elke leeftijd zijn charmes heeft. 😉

Vroeger sliep ik slecht de nacht voor mijn verjaardag en ik was al vroeg wakker. Vroeg genoeg om te horen hoe mams het bed uitging om mijn zusje wakker te maken. De cadeautjes werden van het zolder gehaald, mijn vader schraapte zijn keel en dan … ging de deur open. Zingend kwamen ze binnen en zagen mij nog even niet. Ik lag onder het bed of diep onder de dekens weggedoken. Als ze uitgezongen waren, kwam ik natuurlijk tevoorschijn om de cadeautjes in ontvangst te nemen.

Vandaag de dag gaat het anders, en toch ook weer niet. Aan cadeautjes doen we niet meer, maar dat zingen zit er nog steeds in. Rond 8 uur of half 9 (als ze goed bij stem zijn) gaat de telefoon en dan zingen mijn ouders me een fijne verjaardag toe. Vorig jaar probeerden ze eronderuit te komen en toen heb ik ze zelf maar even gebeld. 😀
Met zo’n traditie kun je niet zomaar zonder overleg stoppen.

Mijn verjaardag is overigens niet het enige dat ik vier deze maand. Gisteren heb ik mij namelijk samen met mijn vriend als partners laten registreren. Net als bij de ondertrouw vorige maand hebben we weer en wind getrotseerd om maar te kunnen zeggen dat we bij elkaar horen. Na een spannende rit door de sneeuw kwamen we heelhuids bij het stadhuis aan. In de trouwzaal sprak de trouwbeamte ons en onze familie toe. We gaven elkaar de rechterhand en zeiden braaf “Ja ik wil”. Daarna hebben we elkaar nog even met sneeuwballen bekogeld en werd het een dag om nooit te vergeten! Toen werd het tijd voor champagne en taart (door mijn zussie gemaakt).

Als jullie het niet erg vinden ga ik nu weer van mijn bloemenzee genieten en de rest van de (bruids)taart opeten.

Een Kerstverhaal (3)

Vervolg van ‘Een Kerstverhaal (2)’.

De Kerstman zit nog altijd met de armen over zijn buik geduldig te wachten. Hij kijkt me met lodderige ogen aan.
“Gaat het een beetje?”, vraag ik. Hij glimlacht even maar zegt niets. Ik ben bang dat hij zo zal instorten. In de keuken maak ik een handdoek vochtig. Ik veeg het bloed van zijn voorhoofd en dep ook de zilvergrijze haren, waarvan ik in eerste instantie dacht dat het een pruik was. Ik volg het bloedspoor en kom op zijn achterhoofd terecht waar een gat zit.
“Ik bel de dokter wel even of misschien kunnen we beter meteen naar het ziekenhuis.”
“Nee, da..dat is niet nodig”, stamelt de Kerstman. Hij voelt nog eens aan zijn hoofd en kijkt me verschrikt aan.
“Kan ik iemand waarschuwen? Iemand bij de opvang ofzo?”, probeer ik voorzichtig. Ik zou graag de verantwoording over deze hulpkerstman overdragen, maar hij schudt zijn hoofd.
“Wilt u dan misschien iets drinken?”, vraag ik.
“Graag”, zegt hij meteen. Eindelijk krijg ik een duidelijk antwoord.

Bron: weheartit.com

Met een mok dampende chocolademelk met slagroom en een scheut rum zitten we tegenover elkaar. Hij op de bank en ik op het vloerkleed met mijn rug tegen de verwarming. Langzaam roert de Kerstman in de mok en neemt dan voorzichtig een slokje. Hij sluit even zijn ogen.
“Wat is er eigenlijk gebeurd?”, vraag ik. “Waarom lag u bij mij voor de deur?”
De Kerstman roert nog wat harder in zijn mok waarbij het lepeltje irritant tegen het aardewerk tikt. Gespannen wacht ik op het antwoord.
“Heb je er misschien iets te eten bij?”, vraagt de Kerstman. Het lijkt alsof hij mijn vraag niet gehoord heeft. Hij neemt een tweede slok en likt de slagroom uit zijn snor. Zuchtend sta ik op.
“Een kerstkransje dan maar?” opper ik.
“Of een boterham?”, reageert hij. “Ja, sorry ik heb al een tijdje niet gegeten.”
In de keuken smeer ik een boterham en vraag me af of ik hem straks alweer de straat op kan sturen.

“Lekker hoor”, zegt hij even later met volle mond. Voor het eerst zie ik een glimlach op zijn gezicht. De glimlach veroorzaakt een domino-effect van kleine rimpeltjes over zijn hele gezicht. Te beginnen bij zijn mondhoeken tot aan de haarinzet.
“Hoe komt u nou aan dat gat in uw hoofd?”, probeer ik opnieuw.
De Kerstman zucht. “Ik kan je vertellen dat het voelt alsof ik van het dak gevallen ben. Alles is bont en blauw.”
“Van het dak?”, vraag ik.
Hij knijpt zijn ogen tot spleetjes en lijkt na te denken. “Eerlijk gezegd weet ik niet precies wat er gebeurd is. Ik lag ineens op de stoep. Toen heb ik me tree voor tree naar boven gehesen tot ik voor de deur lag.”
Het klinkt niet erg aannemelijk, maar meer wil hij duidelijk niet kwijt.
“Zal ik een poging wagen uw hoofd te verbinden?”, vraag ik.
“Je mag er ook gewoon een pleister opplakken”, mompelt hij. “Dan ga ik zo maar weer eens naar buiten. Ik ben al veel te lang gebleven en je moet je Kerstboom nog opzetten.”
Ik kijk naar de Kerstboom. Alle sneeuw is inmiddels van de takken op de grond gedrupt.
“O, dat kan morgen ook nog”, werp ik tegen.
“Maar het is Kerstavond”, sputtert hij. “Als je morgen de boom opzet is het te laat.”
Ik haal mijn schouders op. “Vorig jaar had ik helemaal geen boom”, zeg ik.
“Echt niet?” Hij lijkt geschrokken. “Je zou toch de mooiste Kerstboom moeten hebben die er bestaat.”
Ik glimlach naar hem en sta op om de verbanddoos te halen.
Als ik terugkom, heeft de Kerstman zijn ogen dicht, hij ademt zwaar. Ik trek me terug in de slaapkamer.

Bron: weheartit.com

Die nacht droom ik over een Kerstman die met slee en al van het dak afvalt en bij mij voor de deur terechtkomt. Ik schrik wakker, het gestommel op het dak is niet gedroomd. Ik hou mijn adem in en luister.
“Ho ho hooo!” Hoor ik ineens iemand buiten roepen en er rinkelen wat belletjes. Meteen houdt het gestommel op. Ik spring uit bed en steek mijn hoofd om de deur van de woonkamer. Er ligt niemand meer op de bank, de Kerstman is verdwenen. In de hoek van de kamer staat mijn Kerstboom te schitteren met een warme sjaal van witte slingers. Ademloos kijk ik naar de honderden kleine lampjes die stralen. Zilveren kerstballen pronken met hun pracht, net als een paar witte kerstengeltjes en rode kerstklokjes.
Het is de mooiste Kerstboom die ik ooit heb gezien.

THE END

Copyright by Appelig©

Ik wens jullie hele fijne Kerstdagen!

Een Kerstverhaal (2)

Vervolg van ‘Een Kerstverhaal (1)’.

“Wat doet u hier?”, vraag ik verbaasd. De man in Kerstmanoutfit krijgt geen tijd om uitleg te geven. Ik wil hem weg hebben uit mijn portiek en haast me om hem overeind te helpen. Ik pak hem onder een oksel en begin te sjorren, maar meer dan een paar centimeter geeft hij niet mee. Het levert een akelig gekreun op dat nog eens versterkt wordt door de galm in het portiek. Al snel moet ik het opgeven.
“Ik geloof niet dat dit werkt”, zeg ik geïrriteerd en ik zet mijn handen in mijn zij. Waarom moet die man nou precies voor mijn deur gaan liggen. Ik hoop op een voorbijganger die kan assisteren maar er komt niemand langs.
De Kerstman schudt zijn hoofd. “Ik ben misschien wat zwaar”, brengt hij er piepend uit. Het lijkt me beter hierop geen antwoord te geven. “Laat me maar liggen”, vervolgt hij zielig.
Het klinkt aanlokkelijk en ik twijfel. Zou hij, als ik de deur achter me dicht doe, gewoon opstaan en het een paar portieken verderop proberen?
“Eh, ik ga even naar binnen”, mompel ik. Zachtjes sluit ik de deur.

“Wat moet ik hier nou mee”, zeg ik tegen mezelf terwijl ik in de halspiegel kijk. Mijn ogen zijn groot en mijn hoofd rood. Ik haal een paar keer diep adem en loop weer naar de deur. Door de brievenbus kijk ik naar buiten. De man ligt nog steeds voor de deur en jammert een beetje. Ik kijk naar het bloed op mijn handschoen en besef dat hij het niet speelt.
De man kijkt hoopvol naar me op als ik de deur opendoe.
“Nou kom op dan”, zeg ik. “Overeind.”
Ik ga achter hem staan en probeer hem overeind te duwen. Kermend komt er wat beweging in. Uiteindelijk hangt de Kerstman tegen het kozijn van de deurpost aan.
“Pfoe”, hijg ik. Kleine stoomwolkjes verlaten in een snel tempo onze monden. Ik ontdoe me van mijn jas, sjaal en handschoenen en smijt ze de gang in, zo warm heb ik het gekregen. De man ziet er verkleumd uit. Zijn rode gezicht vertoont enkele barstjes, alsof er een nieuwe Kerstman onder zit te wachten tot de oude zijn vel afschudt. Er zit niets anders op dan hem even binnen te laten en wat op te lappen. Hij leunt zwaar op me als we door de gang strompelen.

Bron: weheartit.com

“Ooh, ooh, ooh”, zegt de Kerstman wanneer hij op de kussens van de bank neerploft. Ik strek mijn rug en voel wat kraken tussen mijn schouderbladen. Met zijn mouw veegt hij over zijn gezicht en trekt daarmee een spoor van bloed over zijn voorhoofd.
“Wacht even”, roep ik geschrokken wanneer hij zijn arm op de beige kussens wil laten rusten. “U zit onder het bloed.” Hij voelt aan zijn hoofd en trekt een pijnlijk gezicht. Op de rode mouw is niets te zien, maar de met wit bont afgezette manchet is roodgekleurd. Snel haal ik wat handdoeken en schuif ze onder zijn armen.
“Zullen we anders uw jas even uitdoen?” stel ik voor. De Kerstman lijkt niet erg blij met het voorstel en slaat demonstratief zijn armen om zijn buik en bromt. “Laat me maar even rustig zitten. Het gaat zo wel weer beter.”

Ik denk opeens aan de kerstboom die beneden voor het portiek ligt kou te vatten.
“Momentje, ik ben zo terug”, zeg ik en ren de gang in. Zo voorzichtig mogelijk glibber ik van de treden af. Het sneeuwt weer. Ik kijk naar boven en laat de vlokjes op mijn gezicht neerkomen, ze smelten meteen. Kleine druppeltjes rollen als tranen van mijn wangen. Draaierig van de duizenden dwarrelende witte stipjes kijk ik weer naar de grond waar de kerstboom zich onder een dun wit laagje probeert te verstoppen. Ik laat me niet voor de gek houden en pak hem bij de stam. Hij prikt me met zijn naalden gemeen in mijn hand. Geprikkeld schud ik hem een beetje door elkaar en ontdoe hem van de sneeuw. Dan neem ik hem mee naar boven en zet hem in de hoek van de kamer.

Wordt vervolgd …

Copyright by Appelig©

Een Kerstverhaal (1)

Ik rits mijn jas dicht, zet de kraag omhoog en wikkel de sjaal een paar maal om mijn hoofd. Alleen mijn ogen en de topjes van mijn oren komen er bovenuit. Nu mijn wollen handschoenen nog aan en ik ben klaar voor de terugreis. Ik zet de eerste stap op een stuk maagdelijke sneeuw. Krakend protesteert de sneeuw en perst zich in het profiel van mijn zool. Ook van mijn tweede laars verdwijnt de zool in de sneeuw. Daarna volg ik het spoor van een paar kinderschoenen. Zorgvuldig plaats ik mijn voeten om niet op de afdrukken te gaan staan, maar het wordt een onmogelijke taak. Al snel komen er meer sporen bij en zijn de afdrukken niet meer van elkaar te onderscheiden. De afdrukken zullen sowieso snel verdwijnen omdat de kerstboom, die ik achter me aansleep, alle sporen van de afgelopen uren wegveegt.

Bron: weheartit

Op een schoongemaakt stuk stoep stamp ik dankbaar mijn zolen leeg. Kruimels en dunne slierten sneeuw verspreiden zich over stoeptegels. Achter een raam schuift het gordijn opzij en een zuur gezicht kijkt naar de bevuilde stoep en dan naar mij.
Slechts een enkeling waagt zich op straat in deze kou en met deze gladheid. Een automobilist probeert zijn auto op de weg te houden, maar hij krijgt geen grip op de platgereden en bevroren sneeuw. Met een schurend geluid schampt hij een geparkeerde auto.
Langzaam adem ik uit in mijn sjaal en voel mijn neus behaaglijk warm worden. Wanneer ik inadem wordt mijn neus koud en vochtig. Ik adem snel weer uit. Nog drie stappen naar de hoek van de straat. De kerstboom zwaait netjes de hoek om voor de lantaarnpaal langs, zonder deze te raken. Bij de benedenburen lijkt het wel feest. Binnen knipperen tientallen gekleurde lichtjes in een enorme kerstboom.

Ik stop voor het portiek. Het is donker. De lamp, die het al een paar dagen eerder begeven heeft, had ik natuurlijk allang moeten vervangen. Nu heb ik er last van. De treden zijn spekglad. Met één hand grijp ik de leuning terwijl ik de kerstboom met de andere hand naar boven trek. Door mijn handschoen heen voel ik dat er iets vochtigs en plakkerigs op de leuning zit.
“Getver”, roep ik en haal snel mijn hand van de leuning. Ik besluit de hand niet meer te gebruiken tot ik weet wat er op de leuning zit. Met de hand die de kerstboom vastheeft moet ik nu de sleutel van de voordeur pakken. Ik klem de stam onder mijn oksel, maar de kerstboom grijpt zijn kans en ontsnapt. Hij glijdt van de treden af en schuift de stoep op. Zuchtend besluit ik dat ik hem straks wel meeneem. Ik loop de laatste treden op en ineens schop ik tegen iets zachts. Het begint meteen te kermen. Een schreeuw verlaat mijn mond en echoot na in het portiek. Ik begin sneller te ademen.

“Wie is daar?”, vraag ik zo streng en zo hard als ik durf.
“Help”, klinkt het zwak. “Helpt u me alstublieft. Ik kom niet meer overeind.”
De paniek in de stem maakt me wat rustiger. Zo te horen is hij banger dan ik.
“Ik zie niks”, zeg ik. “Laat me eerst even de deur openmaken.” Met trillende vingers duurt het een eeuwigheid voor de sleutel het slot bereikt. Eindelijk zwaait de deur open. Als ik het licht in de gang aandoe, zie ik dat mijn handschoen onder het bloed zit. Voor mijn deur ligt, tot mijn grote schrik, de Kerstman op zijn rug. Hij kijkt me hulpeloos aan.

Wordt vervolgd …

Copyright by Appelig©

Mijn Nordic Walkinggroep draaft door

Het is altijd leuk om (positieve) reacties te krijgen op je blog, zowel on-line als in levende lijve. Zo reageerde ook mijn Nordic Walkinggroepje leuk op de posts over Nordic Walking en houden ze extra in de gaten of ik wel elke week kom lopen. Afgelopen week draafde de groep echter een beetje door.

Na een heerlijke tocht door donkere straten sloten we, zoals gewoonlijk, af met rek- en strekoefeningen. Men vroeg zich af hoe we nou al Nordic Walkend de winter door moesten komen als er sneeuw lag. Ik had me ook al afgevraagd of het mogelijk was op gympies of echte wandelschoenen over de gladde paden en dijken te lopen. Stiekem hoopte ik dat de lessen dan zouden worden afgeblazen wegens gladheid. Ik heb immers toegezegd onder alle weersomstandigheden (op onweer na) te komen lopen.

De snowsteps van de ANWB (bron: ANWB)

Iemand zei dat de ANWB er een goede oplossing voor had, de snowstep en dat ze toevallig een actie hadden. Door een mailtje te sturen met een reden waarom je snowsteps goed kon gebruiken de komende winter kon je ze winnen.

“Jij schrijft leuk”, werd er gezegd. Iets wat normaal een compliment is, voelde nu een beetje als een afschuifactie. “Kun jij niet een mailtje sturen naar de ANWB? Dat we wel heel veilig met hesjes en lampjes lopen, maar dat we alleen met snowsteps ook veilig in de winter kunnen lopen.” Of ik dan meteen om 15 paar kon vragen en dat ik er dan een blogartikel over kon schrijven (om de ANWB over te halen).
“We willen ook best wel testpanel zijn en dan kun jij onze bevindingen op je blog vermelden”, opperde iemand.
“Ja, straks komen ze nog een keertje met ons meelopen voor een artikel”, wierp ik tegen. Dat zag men niet als bezwaar. “Ja, en dan mag jij vooraan op de foto.” De groep werd steeds enthousiaster.

Inmiddels heb ik natuurlijk braaf gedaan wat ze me gevraagd hebben. De actie zat alleen iets anders in elkaar. Je mocht voor één persoon die het nodig had de komende winter een paar snowsteps aanvragen met een reden waarom. De computer kiest vervolgens geheel willekeurig naar wie de snowsteps gaan. Als ik die dingen nou niet win, dan kan ik bij sneeuw mooi niet Nordic Walken, dat zou toch jammer zijn …

(By the way. Ik heb die snowsteps dus niet voor mezelf aangevraagd, maar voor de trainster.)